Profiel: Jaap Winter, scheidend collegevoorzitter VU

Na vier jaar besturen bij de Vrije Universiteit houdt Jaap Winter het als collegevoorzitter voor gezien. Terug naar de adviespraktijk en wetenschap. Hij begon midden in een grote reorganisatie en neemt afscheid met het begrip Bruto Academische Waarde en het kersverse Aurora netwerk. Van een einde kan eigenlijk niet gesproken worden. Jaap heeft dingen juist opnieuw in gang gezet.

12-12-2017 | 17:16

IN EERDERE INTERVIEWS HEB JE VERTELD DAT JE BEGINPERIODE NIET MAKKELIJK WAS; VEEL WANTROUWEN EN GEKLAAG. JE VOELDE JE BEHOORLIJK EENZAAM.
Het begin was ingewikkeld met veel moeilijke zaken tegelijkertijd: het afketsen van de samenwerking met de bèta’s van de UvA, de reorganisatie van FALW, de Nijkamp-affaire met heel veel kritiek van binnen en buiten op wat je ook deed. Het afronden van de reorganisaties, waardoor heel veel spanning binnen de organisatie is ontstaan, waardoor mensen tegenover elkaar kwamen te staan.
Het is waarschijnlijk niet waar, maar ik herinner me uit die tijd zelden dagen dat ik dacht: wat is het toch een feest wat we hier aan het doen zijn, wat gaaf is het om dit te doen. Dat heb ik wel als taai ervaren.

HEB JE DAAR IETS VAN GELEERD?
Ik heb toen pas goed gemerkt wat het betekent om er voor de organisatie te zijn. Het ging in die eerste periode niet om wat ík allemaal wilde of niet wilde; het ging erom: hoe lossen we voor de organisatie een paar moeilijke situaties op waar we last van hebben en waar we niet vanzelf uitkomen. Dat is wel een... voor mij een bijzonder proces geweest, dat je dat doet voor de organisatie en zorgt dat langzaam de zaken weer bespreekbaar worden. Dat we verder kunnen met elkaar.

MAAR OOK EEN SPIEGEL DURVEN VOORHOUDEN.
Ja, dat heb ik ook af en toe wel gedaan. De vraag stellen: wat ga je zélf dan doen, waar ligt júllie verantwoordelijkheid. Denk je dat het alleen maar gebeurt als het College van Bestuur het doet? Dat is natuurlijk niet zo. 99 Procent van wat hier gebeurt heeft gelukkig niks met het CvB te maken.
Voor mij gaat een spiegel voorhouden niet zozeer over wat je nou hebt veroorzaakt. Maar meer: wat ga je zelf doen. Dus naar voren kijken. Fouten zijn er om van te leren, schuld toerekenen vind ik minder interessant.
Ik heb ook eindeloos fouten gemaakt in deze rol. Natuurlijk is dat zo, maar ik heb er altijd naar gekeken hoe we met elkaar een stapje verder kunnen komen.

IS DAAR WAARDERING VOOR GEKOMEN, UITEINDELIJK?
Ja, mensen zijn nu uiterst vriendelijk (lacht). Wat mensen mij nu wel teruggeven is dat de sfeer echt veranderd is. Dat men het gevoel heeft dat we samen vooruit kunnen kijken. Dat komt ook door hoe Marjolein en Vinod (vice-voorzitter en rector magnificus - red.) luisterend in de organisatie staan en er echt voor de organisatie zijn, dat is echt niet alleen mijn ding. Gelukkig niet.

tekst gaat verder onder de afbeeldingJaap Winter

WAT ZOU JE GRAAG BEHOUDEN ZIEN?
Ik heb me natuurlijk erg bezighouden met wat nou het verhaal van de VU is. Dat zijn allemaal deelonderwerpen. De nieuwe grondslag van de vereniging en de universiteit. De mensen die je opleidt op een bepaalde manier, niet alleen met vakkennis. Om ons ook in onderwijs en onderzoek te richten op de behoeften van de samenleving. Het hele proces van diversiteit omarmen, omdat we zien dat we daar als universiteit een belangrijke maatschappelijke rol mee vervullen.

Ik sprak laatst met een moeder die een aantal pleegkinderen heeft uit gezinnen met Marokkaanse en Turkse achtergrond. Een van haar pleegkinderen heeft net haar bachelor gehaald bij ons. Zij vond het zo fantastisch wat wij als universiteit doen voor haar pleegdochter en hoe zij ineens gegroeid is en de wereld in kan met een trots en een zelfvertrouwen in het eigen vermogen. Dat is gaaf. Ik zou heel graag willen dat deze universiteit die rol behoudt. Dat is altijd onze rol geweest. Vroeger voor de kleine luyden en nu voor hele andere groepen mensen, maar met dezelfde uitdagingen. Ze moeten zoveel overwinnen, hebben zoveel tegenwind; soms vanuit huis of school, of hoe de samenleving hen bejegent en niet vanzelfsprekend welkom maakt. Dat wij een omgeving kunnen zijn waarin mensen zich wel welkom voelen, thuis voelen en kunnen zeggen: dit is ook míjn universiteit. En hen op het niveau krijgen van goed opgeleide academische professionals. Daar moeten we trots op zijn. Ik hoop dat de VU dat lang vasthoudt.

Met de decanen hebben we vastgesteld wat er allemaal aan projecten in onderwijs en onderzoek gaan plaatsvinden met het begrip Bruto Academische Waarde. En mogelijk ook in de verdeling van financiële middelen. We moeten toch ook de financiële sturing wat anders doen om juist meer díe waarde naar boven te krijgen dan alleen maar de makkelijk meetbare aantallen studenten, diploma’s en promoties waarvoor we gefinancierd worden. Ik geloof oprecht dat we daar een hele sterke en voor de samenleving zeer aantrekkelijke en relevante universiteit mee maken.

Het bijzondere karakter van de VU ligt ook ten grondslag aan het Aurora netwerk. Het zijn negen universiteiten die allemaal in hun eigen land vergelijkbare rollen vervullen. Openheid, diversiteit, toegankelijk zijn voor iedereen. Vooral je als universiteit richten op waar je impact in de samenleving hebt. Het is wetenschap niet om de wetenschap alleen of ons eigen plezier van nieuwsgierigheid en onderzoeken. Het moet betekenis hebben in onze samenleving en daar op georiënteerd zijn.

JE HEBT OOK DE ONTVLECHTING VAN DE VU EN HET VUMC MEEGEMAAKT. IS DAT EEN VERLIES?
Ik zie het zelf eigenlijk als een kans om veel bewuster te maken wat misschien een beetje al te vanzelfsprekend was. Twee dingen binden ons echt: we hebben onze gedeelde achtergrond die de basis is voor een oriëntatie in de 21e-eeuwse samenleving. En het tweede is: we delen een campus. De beweging tussen VUmc en AMC die maakt dat er veel onderzoek naar deze campus komt is voor de VU eigenlijk een hele goede. Dat kan zelfs wel erg versterkend werken voor de samenwerking tussen universiteit en ziekenhuizen.

IN MAART TREEDT MIRJAM VAN PRAAG IN JE VOETSPOREN. ALS JE HAAR EEN TIP ZOU MOGEN GEVEN, WELKE ZOU DAT ZIJN?
De belangrijkste houding voor iedereen in deze rol is: luister heel goed naar je mensen. Luister en hoor en voel wat men wil, waar de energie zit, waar onze studenten en medewerkers behoefte aan hebben, wat de organisatie nodig heeft. Mirjam zal haar eigen richting daarin kiezen, met andere woorden, een andere stijl dan ik heb gebruikt. Dat is alleen maar goed. Wat niet goed werkt is als er een leider komt met een eigen verhaal dat niet aansluit bij de universiteit en dan maar verwacht dat mensen mee gaan doen. Dat gaat fout.

JE BENT IN JE ROL OOK BESTUURSLID VAN VUVERENIGING GEWEEST. WAAR ZIE JE ACCENTEN VOOR DE TOEKOMST?
We hebben de laatste vier jaar gezocht naar een manier van werken die ook in deze tijd weer nieuwe mensen aanspreekt. Niet alleen maar een vereniging van mensen met een verleden aan de VU waarvan de groep kleiner wordt, maar ook nieuwe mensen die willen instappen en zeggen: dat is gaaf om daaraan bij te dragen. Ik denk dat het heel erg afhangt van hoe de vereniging zich blijft verbinden met de inhoud van wat hier gebeurt. Bijvoorbeeld het IOVIS, het brede instituut over oorlog en vrede en de Minor die daar wordt ontwikkeld vind ik een prachtige manier om iets te stimuleren waarvan de voedingsbodem al lang in de universiteit zit. Om iets aan te jagen waarvan je kan zeggen: daar zijn we trots op. Heel erg de inhoudelijke verbinding zoeken met wat er in beide instellingen gebeurt. Ik denk dat dat een belangrijke manier van werken voor de vereniging zou kunnen zijn. Hoewel het best lastig was af en toe, zijn we toch in staat geweest om dingen los te laten of anders te doen dan in het verleden. Het mooiste voorbeeld is natuurlijk de grondslag zelf. Een enorme principiële wijziging van de universiteit aan de achterkant veroorzaken omdat in feite de voorkant allang zo anders is. Ik denk dat de rol van de vereniging is om in dat proces voortdurend op te letten, waakzaam te zijn, de moed te hebben af en toe ook eens te zeggen: ja maar dit dan? Deze zorgen of deze aandacht? Waar blijft die als we dit nu gaan doen? Dat spel met de beide instellingen spelen vind ik een waardevolle rol van de vereniging naar beide instellingen. Ik hoop dat die nog heel lang effectief kan zijn.