Stamcelligheid - column Willem Schoonen

Wetenschappelijk tijdschrift PNAS (Proceedings of the National Academy of Sciences) drukte onlangs een pleidooi af dat de VU op het lijf geschreven is, of zou moeten zijn. De titel: Why science needs philosophy. De ondertekenaars: een groep overwegend jonge, Europese onderzoekers uit verschillende disciplines. Hun boodschap: hoewel de moderne (natuur)wetenschap werd geboren uit filosofie, zijn ze vreemden voor elkaar geworden.

12-04-2019 | 13:22

Willem SchoonenWetenschappers zien filosofie als een vreemde bezigheid met soms anti-wetenschappelijke trekken. Filosofen zijn vaak slecht op de hoogte van de jongste ontwikkelingen in de (natuur)wetenschappen, of zien daarvan de relevantie niet voor hun eigen werk. Het wetenschapsbedrijf, dat aanzet tot specialiseren, subsidies binnenhalen, publiceren en valoriseren, doet de rest: filosofen en natuurwetenschappers krijgen de tijd niet eens meer om van elkaar te leren.

Dat is een verlies, schrijft de groep onderzoekers, want filosofie kan de wetenschap verder helpen en omgekeerd. En dan gaat het niet alleen over filosofische kritiek op (natuur)wetenschappelijke methoden, maar ook en vooral om het verhelderen van wetenschappelijke concepten. Recent voorbeeld dat de auteurs van het pleidooi aanvoeren, is de stamcel.

Stamcellen genieten grote belangstelling van de (medische) wetenschap omdat ze kunnen uitgroeien tot verschillende celtypen, zowel gewenste celtypen als ziekmakende. Stamcellen kunnen nog alle kanten op. Maar, vraagt de filosoof dan, is dat vermogen een eigenschap van de cel zelf, los van zijn omgeving, een eigenschap die die cel alleen onder bepaalde omstandigheden heeft, of een eigenschap die door de juiste omgevingsfactoren bij tal van cellen van kan worden aangezet?

Met het woord stamcel zeg je nog niets, aldus de filosoof; het gaat niet om een ding maar om een eigenschap, om ‘stamcelligheid’, en je moet goed kijken waar die zit. Die filosofische inbreng heeft biochemici en medisch onderzoekers op nieuwe paden gebracht. Iets vergelijkbaars is gebeurd in de immunologie, het onderzoek naar afweerreacties, en in de neuro- en cognitiewetenschappen en hun worsteling met concepten als bewustzijn en vrije wil.

Nu gaan roepen dat wetenschappers en filosofen meer moeten gaan samenwerken, zal weinig uithalen, besluiten de wetenschappers. Hun pleidooi eindigt daarom met praktische tips:

  • Maak op wetenschappelijke conferenties ruimte voor filosofen
  • Haal een filosoof naar je onderzoeksgroep of afdeling
  • Laat promovendi begeleiden door een senior uit eigen vakgebied én een filosoof
  • Richt curricula in voor wetenschap en filosofie
  • Lees wetenschappelijke artikelen, maar ook filosofische boeken
  • Maak in wetenschappelijk tijdschriften ruimte voor artikelen over conceptuele en filosofische kwesties.
Kijkend naar die tips, doet de VU al meer dan menig andere universiteit. Maar ze zou zich kunnen profileren door dit verder uit te bouwen en de brug tussen (natuur)wetenschappen en filosofie tot haar unieke kern te maken.


foto Willem Schoonen: © Maartje Geels